Hoe worden dinosaurussen geclassificeerd

Er bestaan 2 totaal verschillende classificaties die echter wel dezelfde termen en namen gebruiken, iets dat voor een leek tot verwarring kan leiden. We hebben de uit 1763 stammende classificatie genaamd naar zijn bedenker Linnaeus die nog algemeen gebruikt wordt maar toch verouderd is. En we hebben de vrij nieuwe classificatie volgens het principe van gemeenschappelijke voorouders, Phylogeny genaamd. Daaruit komt een map die cladogram wordt genoemd en daarom wordt deze classificatie ook wel cladistics genoemd.
Linnaean systeem van classificatie
Phylogeny oftewel Cladistics

Linnaean systeem
Dit systeem, hoewel verouderd zoals we later zullen zien wordt nog steed volop gebruikt door biologen en dat is ook de oorzaak dat de meeste mensen denken dat dinosaurussen zijn uitgestorven. Linnaeus was een botanicus die leefde van 1707-1778 die deze classificatie ontwikkelde voor bloemen. Later heeft hij dat uitgebreid tot alle levende wezens die op dat moment bekend waren. Het systeem groept alle dieren bijelkaar die iets gemeenschappelijks hebben. Vaak zijn dat dan uiterlijke kenmerken en/of gedragspatronen. Gewervelde dieren werden door Linnaeus in 5 groepen verdeeld die elkaar niet overlappen. Hoewel dit leidt tot een voor biologen gemakkelijke ordening worden de onderlinge relaties niet duidelijk.


Toen Linnaeus dit systeem bedacht waren er nog geen dinosaurussen gevonden, tenminste niet als zodanig herkend. Darwin had zijn evolutietheorie nog niet bedacht, sterker nog hij was nog niet eens geboren.Dus dit was in zijn tijd een geweldige vooruitgang. Maar de moeilijkheid met deze vorm van classificatie kunnen we het best aantonen met de vondst van Archaeopteryx. Waar moest dit dier worden ingedeeld, hij had veren en kon vliegen maar had ook zeer duidelijk reptielkenmerken. Er was wat voor te zeggen om hem in beide groepen te plaatsen maar dat kan in het Linnaean systeem niet. Het is of een vogel of een reptiel.
Laten we nu het systeem zelf eens bekijken:

Linnaean systeem van classificeren

Alle dieren worden geclassificeerd volgens een vastaand systeem, of het nu gaat over vissen of insecten of zoogdieren. Dit systeem wordt ook toegepast op uitgestorven dieren zoals Dinosaurussen. Bovenaan in dit systeem zitten dus dieren die maar heel vaag iets met elkaar gemeen hebben, bijvoorbeeld Gewervelde dieren en onderaan in dit systeem zitten dieren die veel op elkaar lijken. Bij Species, het laagste in dit systeem zit dus één specifieke soort.
Dit is de basis hierarchie;

Als het nodig is kunnen hier nog onderverdelingen tussen worden geschoven. Een extra verdeling onmiddellijk boven een van de standaard rijen wordt voorafgegaan door het woordje -super. B.v. Superorde.
Een extra verdeling onmiddellijk onder een standaard rij wordt voorafgegaan door het woord -onder. B.v. Onderorde.
Als er een nog grotere verfijning nodig is wordt dat voorafgegaan door het woordje -infra. B.v. Infraorde.

Laten we nu de classificering van Tyrannosaurus Rex eens bekijken.

Superorde Dinosauria
Tyrannosaurus behoort tot de dinosaurussen dus wordt hij in deze superorde geplaatst.
Orde Saurischia
Het is een dinosaurus met een 'hagedissenheup' omdat zijn pubis naar voren gericht is.
Onderorde Theropoda
Omdat het een vleesetende dinosaurus is wordt hij bij de theropoden ingedeeld.
Infraorde Tetanurae
Alle theropoden die staartwervels hebben die de staart stijver maken worden in deze groep ingedeeld. Dit is een aanpassing aan het rennen, zodat de staart als een soort roer dienst doet.
Subgroep Coelurosauria
Vroeger waren dit de kleine theropoden, tegenwoordig zitten hier enkele van de grootste dinosaurussen in die we kennen.
Subgroep Arctometatarsalia
In deze groep zitten alle theropoden waarvan de middelste metatarsel (middenvoetsbeentje) zit ingeklemd tussen de buitenste middenvoetsbeentjes.
Tegenwoordig worden de Tyrannosauriden niet meer ingedeeld bij de Arctometatarsela. Het blijkt dat deze conditie via convergente evolutie vaker is voortgekomen. Dus hoewel ook T.rex een ingeklemd middenvoetsbeentje bezit wordt hij niet meer als zodanig geclassificeerd. Dinosaurussen die hier wel in zitten zijn bijvoorbeeld de Ornithomimosaurussen.
Familie Tyrannosauridae
Deze familie die bijvoorbeeld ook Daspletosaurus omvat staat bekend om hun in verhouding zeer grote koppen en zeer kleine armen. Een familie bestaat uit verschillende diersoorten die wel iets gemeenschappelijks hebben. Zo heb je bijvoorbeeld de familie katachtigen, hondachtigen, luiaards en de familie olifanten. De katachtigen hebben als Latijnse naam: Felidae.
Genus Tyrannosaurus
Meestal kunnen we met deze naam volstaan, de meesten zullen toch geen verdere onderscheid kunnen maken, maar die zijn er (in de moderne wereld)wel degelijk. De genera (meervoud van genus) kun je in de moderne dierenwereld bijvoorbeeld zien bij de familie van de katten (Felidae); die bestaat onder anderen uit de genera; Felis, Lynx, Panthera. Dus de familie katten bezit het genus Panthera
Species Rex
Dit is de soortnaam van Tyrannosaurus. Van Triceratops zijn wel 15 species (soorten) bekend. Species is weer een verder onderverdeling van genus. Het genus Panthera is weer onder te verdelen in tigris, leo, onca, pandus en unica.
Je krijgt dan bijvoorbeeld; Panthera tigris (Tijger) of Panthera leo (Leeuw).
Ondersoort....
Deze verdeling wordt niet meer gemaakt bij dinosaurussen omdat het bij zo lang uitgestorven dieren niet meer te achterhalen is. Vaak zijn dit uiterlijke verschillen die niet goed in het skelet zijn terug te vinden. In het voorbeeld van hedendaagse dieren (de Tijger) is die onderverdeling nog wel te maken. Zo heb je de Panthera tigris altaica, oftewel de Siberische tijger. Of de Panthera tigris sumatrae (Sumatraanse tijger), Panthera tigris tigris (Bengaalse tijger). Van deze ondersoorten zullen de meesten het verschil niet kennen.

Phylogeny oftewel cladistics
Deze vorm van classificeren wordt steeds populairder onder paleontologen. Een betere indeling is als je uitgaat van gemeenschappelijke voorouders. Zo kom je tot een trap van de evolutie. En hoewel er gaten kunnen zitten in de kennis die we hebben, blijft de kaart die uit deze vorm van classificatie komt overeind. Laten we eens kijken naar het verschil met de classificatie van Linnaeus. Bij hem hadden we 5 groepen gewervelde dieren die elkaar niet overlappen. Hoewel duidelijk, iedereen weet wat een vogel is en dat vogels bijelkaar horen, komen we problemen tegen bij uitgestorven dieren zoals Archaeopteryx. Is het een vogel of een reptiel? Phylogeny werkt anders, we weten dat vissen de eerste gewervelde dieren waren en dat daaruit de amphibieën ontstonden. De bewijzen daarvoor zijn te vinden in het skelet. Uit de amphibieën zijn de reptielen voortgekomen etc.
Als we nu een eenvoudige onderverdeling maken zou dat er zo uit kunnen zien.


Vissen zijn gewervelde dieren. Uit de vissen ontstonden de eerste amfibieën. Zo ontstonden de zogenaamde tetrapoden. Dit gebeurde toen de vinnen van bepaalde vissoorten poten werden. In totaal had deze nieuwe soort dus 4 poten, vandaar dat je spreekt van tetrapoden. Tot de tetrapoden reken je ook de vogels, krokodillen en amfibieën enz.
Gewervelde dieren hebben een circel die alle dieren met een ruggegraat omvat. Binnenin die circel kun je weer een onderverdeling maken. De Tetrapoden, vissen vallen daarbuiten dus zijn wel gewerveld maar geen tetrapod. Vogels, amfibieën, reptielen, zoogdieren zitten wel in de volgende circel; de tetrapoden. Dus die zijn en gewerveld en tetrapode.
Nu kunnen we een volgende onderverdeling maken en die ziet er dan zo uit:


De volgende onderverdeling zijn de amnioten. Zoals je ziet vallen de amfibieën (hier voorgesteld door een salamander) daarbuiten. De rest (vogels, zoogdieren reptielen enz) valt wel binnen die circel en zijn dus:
Salamanders leggen hun eieren in het water, de amnioten hebben eieren met daarin een vochtruimte de amnion genaamd waarin de embryo groeit.
Wat is nu het verschil tussen een amfibie en reptiel? Klik hier
Je ziet uit dit schema dat een vogel een gewerveld dier is (want het heeft een ruggegraat), en een tetrapod (want een vogel heeft 4 poten, 2 om te lopen en 2 om te vliegen) en een amniot (want het legt eieren waarin het embryo in een aparte vochtruimte tot ontwikkeling komt). Mensen behoren ook tot de amnioten, die leggen wel geen eieren maar het embryo groeit wel in een aparte vochtruimte (de baarmoeder). Zo kan een steeds grotere verfijning aangebracht worden gebaseerd op skeletkenmerken die van de ene groep op de andere groep is overgegaan en met steeds weer vernieuwingen in het skelet die toch duidelijk gebaseerd zijn op de directe voorouders. Zo is duidelijk te zien dat uit een groep primitieve reptielen er een zodanige vernieuwing optrad van de heupen dat dat deze dieren in staat stelde om op 2 benen te gaan lopen. Hieruit zijn dan de eerste dinosaurussen weer ontstaan.
De volgende verdeling zou dan (bijvoorbeeld) Synapsida kunnen zijn, dit is de groep die naar de zoogdieren leidt. Dan zouden reptielen en vogels daar natuurlijk buiten vallen. Een volgende circel zou dus ook Sauropsida kunnen zijn, dit is de groep die naar de reptielen en dus ook naar de dinosaurussen leidt. Hier zouden dan de zoogdieren weer buiten vallen. Volgens de laatste inzichten zouden vogels wel binnen de groep van de reptielen vallen. Je ziet hier het grote verschil met het systeem van Linnaeus dat aan het begin van dit hoofdstuk werd beschreven. Daar zijn de vogels een aparte groep en kunnen niet binnen een andere groep vallen. Synapsida en sauropsida zijn dus gelijkwaardige circels die binnen de tetrapoden vallen.
De bovenstaande tekening kan dan in een cladogram worden uitgedrukt.


Laten we nu een kijken hoe een cladogram gelezen moet worden.


B en C zijn elkaars meest dichtbijstaande verwanten, en vormen een zustergroep met D. Verder vormen (B-C) en (D) samen de zustergroep van A. Verder moet worden opgemerkt dat een cladogram niet in dezelfde schaal hoeft te zijn getekend. In het voorbeeld boven kan B uit een enkel dier bestaan maar kan ook uit een groep bestaan die weer verdeeld kan worden in groepen.


Elk zwart bolletje stelt een knoop voor die een splitsing voorstelt tussen ten minste 2 zustergroepen, maar het kunnen er ook meer zijn. Er zit ook een tijdsverschil tussen de verschillende knopen zoals je in de volgende tekening kunt zien. Let er wel op dat bij tijdvak 2 er 2 zustergroepen ontstaan die dan ook hetzelfde tijdvak hebben, namelijk tijdvak 3. Elke knoop heeft zijn eigen kenmerken waaraan een dier dat in die groep zit moet voldoen. Bij dinosaurussen is dat onder andere het acetabulum (de heupkom) die open moet zijn.


Als we nu een globale indeling maken kunnen we de evolutie van dinosaurussen volgen en met hen de evolutie van vogels.


We zien dat dinosauria bestaat uit 2 zustergroepen, de ornithischia en de saurischia. We zien dat genasauria bestaat uit thyreophora en cerapoda. Cerapoda op zijn beurt bestaat weer uit ornithopoda en marginocephalia. Natuurlijk kunnen de meeste knooppunten nog verder verdeeld worden, zo bestaat theropoda bijvoorbeeld nog uit coelurosauria. Zoals al vermeld worden voor elk knooppunt bepaalde kenmerken van het skelet gegeven die van de voorouders is overgenomen en verder ontwikkeld. Laten we onze cladogram eens uitbreiden, vanaf de theropoda en de weg naar de vogels volgen.


Dit is nu allemaal mooi, maar wat zijn dan bijvoorbeeld de kenmerken waaruit blijkt dat vogels afstammen van theropode dinosaurussen. In de volgende tekening zijn daarvan enkele opgesomd, lang niet alle maar je krijgt dan wel een idee hoe vanaf tetrapoden er al skeletkenmerken te vinden zijn tot aan de eerste vogel Archaeopteryx. De tekening laat het skelet van deze vogel zien met verschillende kenmerken en van welke knoop van ons cladogram die afkomstig zijn (deze staan tussen haakjes).