In de Jura begint het supercontinent Pangaea te breken, dit wil dus zeggen dat sommige gebieden worden afgesloten omdat ze door water zijn omgeven waardoor de dinosaurussoorten niet meer zo gemakkelijk verspreid worden over de aarde als bijvoorbeeld in het Trias. Het klimaat is in deze periode warm en vochtig. De eerste echte vogels vliegen door de lucht en de planten verspreiden zich nu ook naar de dorre gebieden waar vroeger nog geen vegetatie was, waardoor plantenetende dinosaurussoorten zich ook goed kunnen verspreiden naar deze wat ontoegankelijke gebieden. Dit geldt voor de dinosaurussen want insecten e.d. hadden zich al eerder verspreid.
Door het uiteenvallen van Pangaea ontstaan nieuwe gebergten en in de Andes komen vulkanen tot leven.
De wereld ziet er in de Jura groener en weelderiger uit dan in het Trias en bestaat uit coniferen, ginkgo's en palmachtige boomsoorten. De lagere etages bestaan uit boomvarens en de onderste etage bestaat uit varens en paardestaarten. Bloemen komen nog niet voor.

© Corel
In de Onder-Jura zijn de belangrijkste plantenetende vertebraten (gewervelde dieren) de prosauropode en ornithischische dinosaurussen, maar in het Boven-Jura domineren de kolossale sauropoden. Ook de Stegosaurussen en Ankylosaurussen en ornithopoden komen nu voor. De vleesetende dinosaurussen (Theropoden) zoals Allosaurus jagen op de planteneters en de kleinere coeluride en compsognathide theropoden jagen op kleine zoogdieren en insecten of zijn aaseters.
De Pterosauriers beheersen het luchtruim en bestaan uit 2 typen, de Rhamphorhynchoïde pterosauriërs hebben een lange staart die als stabilisator dient en de Pterodactyloïde pterosauriërs hebben geen staart. De eerste vogels verschijnen waarvan Archaeopteryx de bekendste is.
© J. Arts
Pterodactylus op zoek naar een lekker hapje. Hoewel pterosaurussen waarschijnlijk goede vliegers waren, konden ze op de grond niet al te best vooruit. Zij konden namelijk de vleugels niet zo opvouwen als vogels het doen. Waarschijnlijk gebruikten zij hun voorpoten (met vleugels) om over de grond te lopen ongeveer zoals op de tekening te zien is.

© J. Arts
In het begin van de Jura zijn de Nothosauriërs en de placodonten uitgestorven, maar de Ichthyosauriërs kunnen zich nog handhaven. Plesiosauriërs en Pliosauriërs bevolken de zeeën. De eerste zijn reptielen met lange nekken en lange staarten en de tweede zijn veel robuuster en hebben korte nekken met grotere, zwaardere koppen.

© J. Arts
Hierboven zie je een van de pliosaurussen, Rhomaleosaurus genaamd. In het Boven-Jura beginnen de Ichtyosauriërs en de mariene krokodilachtigen te verdwijnen.