EEN PORTRET VAN PETER DODSON

Door Steve Brusatte

"Peter Dodson-De Sultan van de Ceratopiden"

Jack Horner en Michael Brett-Surman zijn hadrosauriden experts, Tom Holtz is theropode expert en Dr. Peter Dodson is gek op ceratopiden! Hij heeft onder andere een nieuwe ceratopide specie beschreven en is de auteur van wat mogelijk het meest complete boek over ceratopiden is.

Dr. Dodson herrinert zich dat hij reeds als kind erg geintresseerd was in paleontologie. Toen hij zes jaar oud was nam zijn moeder hem mee naar "Fantasia" en hij was verrukt van een atractie genaamd "The Rite of Spring" waarin naast skeletten ook bewegende modellen van dinosauriers te zien waren. Later in zijn jeugd verhuisde hij naar Indiana waar zijn vader een baan han aangenomen als professor aan de Universiteit van Notre Dame. In de tijd die hij in het mid-westen doorbracht gingen Dodson en zijn broer weleens op pad om brachipode en andere ongewervelde fossielen te zoeken. Vandaag de dag geeft de afgestudeerde Dr. Dodson zijn broer alle krediet voor zijn interesse in de paleontologie aan zijn broer die hem introduceerde in de verbazingwekkende wereld van de fossielenjacht.

Een paar jaar later verhuisde de Dodson familie naar Canada, en Peter werd toegelaten aan de Universiteit van Ottawa, waar hij later zijn  Bachelor's graad in geologie behaalde.

Na zijn graduatie in Ottawa verhuisde Dodson naat Alberta waar hij zijn Doctoraal in geologie ontving aan de universiteit van Alberta. Na het behalen van zijn twee graden aan Canadese college's ging hij terug de grens over naar de Verenigde Staten waar hij zijn Ph.D. in geologie behaalde aan de Yale universiteit. Na zijn laatste promotie aan een universiteit ontving Dr. Dodson aan baan als professor in anatomie aan de ventaira afdeling van de universiteit van Pennsylvania, een taak die hij tot op de dag van vandaag nog steeds vervult.

In de jaren '60 bracht Dodson zijn eerste belangrijke contributie aan de paleontologie. In 1884 ontdekte geoloog Burr Tyrrell een schedel van een carnivore dinosaurus in het woeste regio van de Red Deer River in Alberta, Canada. Toen de beroemde paleontoloog Barnum Brown de ontdekker van Tyrannosaurus rex dit vernam organiseerde hij direct een expeditie naar de "badlands" van Alberta. Zoals Don Lessem het zo treffend beschreef in zijn boek Dinosaurs Rediscovered, "Soon, the Canadian Dinosaur Rush was on." Maar, deze dinosaurus jacht was echter geen lang leven beschoren en vanaf 1917 negeerden de plaeontologen en fossieljagers dit gebied bijna geheel. Hier kwam pas verandering in gedurende de jaren '60, toen Dodson en zijn leraar Dale Russell het gebied opnieuw onderzochten. De resultaten van hun onderzoek waren verbazingwekkend. In feite denken veel paleontologen dat deze studie "het begin was van de "Dinosaurus Renaissance" een periode in de paleontologie die nog steeds gaande is.

Als student gebruikte Dodson de Red Deer River dinosaurus fauna voor een pioniers studie naar de omstandigheden waaronder dinosauriers stierven en fossiliseerden, een wetenschap die we nu kennen als taxonomie. Dodson besloot tot gebruikmaking van deze methode, die was ontwikkeld door een voormalige Sowjet paleontoloog maar nog nooit was toegepast op dinosauriers, om aan te verklaren op welke wijze dinosauriers leefden in hun natuurlijke omgeving en ook hoe zij daarin stierven.

Door het bestuderen van duizenden fossielen, waterkanalen, versteende wouden, en zelfs de jaarlijkse groeiringen in de botten van krokodillen, concludeerde Dodson dat de temperatuur in het Red Deer river gebied gedurende de tijd van de dinosauriers door seizoenen werd beinvloed. Hij concludeerde tevens dat 75 miljoen jaar geleden het Red Deer river gebied leek op een moerassige delta. Don Lessem schreef hierover; "Vijenzeventig miljoen jaar geleden was dit een veel gastvrijere omgeving dan nu het geval is. Grond meegevoerd door rivieren zette zich af op een groot vlak gebied, het was een moerassig gebied vol meren en langzaam stromende waterwegen. Schildpadden en krokodillen verborgen zich tussen de bosjes en kattestaarten, kleine zoogdieren schuifelden rond onder de bomen en platanen in een door dinosauriers gedomineerd landschap dat veel lijkt op de  museum diorama's van prehostorische landschappen, compleet met    varens, palmen en andere bloeiende bomen. Gehelmde eendesnaveldinosauriers forageerden langs de zanderige oevers zoals ook de gepantserde dinosauriers en de neushoorn grote gehoornde dinosauriers, allen werden zij constant bedreigd door de grote en beangstigende Albertosaurus."

Dodson onderzocht niet alleen het landschap van dit gebied maar hij analiseerde tevens hoe de dinosauriers stierven en werden begraven. Hij bestudeerde vele duizenden hadrosaurus skeletten en concludeerde dat nadat zij waren gestorven vaak    rechtstreeks door de waterwegen naar de moerassige gebieden werden meegevoerd waardoor de beenderen beter fosiliseerden.

Kort na zijn taxonomisch onderzoek bevond Dodson zich temidden van het dinosaurus endothermie debat. In 1968 publiseerde de aan de Yale universiteit verbonden paleontoloog Robert Bakker een artikel met de titel "The Superiority of Dinosaurs" in Discover Magazie. Dit was het eerste populaire artikel welke het idee introduceerde dat dinosauriers mogelijk warmbloedig waren. Dit debat, welke tot felle discussies binnen de paleontolgische wereld heeft geleid, is nog steeds gaande, alhowel minder heftig dan gedurende de jaren 60 en 70.

Terwijl Bakker beargumenteerde dat verscheidende dinosaurus species warmbloedig konden zijn geweest, zoals de zoogdieren en vogels vandaag de dag, brachten Dodson en zijn collega James Spotila een ander gezichtspunt naar voren. Na het bestuderen van lederschildpadden brachten Dodson et al., een metabilisch model voor dinosauriers naar voren dat nu bekend is als gigantothermie. Dit model hield in dat een grotere lichaamsomvang, een laag metabolisme, isolatie en een gecontroleerde circulatie helpen grote levende reptielen bij het handhaven van een constante temperatuur, zonder echt warm- of koudbloedig te zijn. Terwijl het endothermie debat zich voortzet wordt de Dodson-Spotila hypothese als een van de voorlopers van endothermie.

Volgende op de taxonomische en endothermische debatten nam  Dr. Dodson deel aan een onderzoeksproject naar ceratopiden, een project dat overigens nog niet is afgesloten. Dit langedurige onderzoeksproject maakte Dodson tot een van de meest vooraanstaande autoriteiten betreffende de ceratopiden, en zijn onderzoek heeft zelfs geleid tot de ontdekking van nieuwe species. Zo ontdekte Dodson in 1981 een nieuwe ceratopide in Montana. Later noemde hij deze vondst Avaceratops, naar zijn vrouw Ava. In leven was Avaceratops ongeveer 2 meter lang en 1 meter hoog, het dier had een benige kraag om zijn nek en een hoorn op zijn neus.

In 1990 publiceerde de Universiteit van California-Berkely press het monumentale boek van de hand van Dr. Dodson, David. H. Weishampel en H. Osmolska getillteld "The Dinosauria". Dit boek dat bekend staat als enigste beste wetenschappelijk boek dat ooit over dinosauriers werd gepubliceerd, combineerde de werken van verschillende vooraanstaande paleontologen. Dodson, Weishampel en Osmolska bewerkten het boek, momenteel wordt er hard gewerkt aan een nieuwe editie, welke binnen enkele jaren zal worden uitgegeven.

1996 was een heel goed jaar voor Dodson, om te beginnen was daar de publicatie door de Princeton Universiteit van zijn boek "The Horned Dinosaurs". Dit technische boek, zoals "The Dinosauria", wordt beschouwd als de beste in zijn soort. Het is het enigste verkrijgbare boek dat een overzicht geeft van de totale evolutie van de ceratopiden, and heeft bewezen een van de populairste dinosaurier boeken van de jaren '90 te zijn.

Gedurende de zomer van 1996 reisde Dodson samen met zijn collega's Scott Sampson, Cathy Forster, en Dave Krause naar Madagaskar om deel te nemen aan een dinosaurus opgravings/onderzoeks expeditie. Tijdens de expeditie vondt het team twee verbazingwekkende fossielen, beiden hebben belangrijke gegevens aangaande de evolutie opgeleverd. De eerste, Majungatholus was geen nieuw specie. Het was oorspronkelijk gedurende de late jaren '70 en vroege jaren '80 beschreven door Hans Dieter Sues, maar Dodson's specimen is zonder twijfel het beste fossiel van Majungatholus dat ooit werd gevonden. Het team groef een kleine schedel (45 cm) waarboven zich een dikke koepel bevond. Aanvankelijk dachten zij dat de schedel toebehoorde aan een pachycephalosaurier, maar na verder onderzoek ontdekten zij dat zij de meest complete schedel ooit van Majungatholus hadden opgegraven.

Maar, dit fossiel was niet het enigste wat zij gedurende de expeditie vonden. Na het opgraven van de Majungatholus schedel vond het team de resten van een kleine vogel die verschillende overeenkomsten vertoonde met dinosauriers, inclusief een sikkelvormige klaauw. De vogel werd later Rahonavis ostromi gedoopt en wordt als cruciaal gezien in de dinosaurus-vogel evolutie theorie.

Gedurende recentere tijd heeft Dodson de taak op zich genomen een maandelijkse column te schrijven voor het blad "American Paleontologist." In zijn column schrijft Dodson regelmatig over de interactie van religie en wetenschap. Dodson zelf is een overtuigd Katholiek, en is daarom een van de meest gequote "religieuze wetenschappers." Dodson heeft geen plannen om het wat kalmer aan te gaan doen. Momenteel werkt hij aan een nieuw boek getitteld "Dinosaur Visions," en reist hij waarschijnlijk naar China om de nieuw bekende ceratopide Archaeoceratops te bestuderen.

Terugkijkend, is Peter Dodson een van de meest invloedrijke paleontologen. Ik zelf leefde nog niet toen Dodson zijn onderzoek welke de start van de dinosaur Renaissance inhield begon, maar van wat ik las en door de gesprekken die ik voerde kwam ik tot een dieper inzicht en een betere appriciatie voor de contributies van Dodson in het veld van de wetenschap in het algemeen an de  paleontolgie in het bijzonder. Van zijn pionierswerk aangaande de taxonomie, waarbij hij de eerste was die deze wetenschap gebruikte op dinosauriers tot aan zijn onderzoek naar de ceratopiden en Majungatholus heeft Dodson een vruchtbare cariere achter zich. In feite, heeft zijn carriere fundamenteel het moderne veld van de paleontologie gedefinieerd!

**Steve Brusatte, uit Ottawa, Illinois, USA, heeft onderzoek gedaan naar beroemde paleontologen in de hoop dat hij de eerste teenager kan worden die over paleontologen een boek schrijft. Het boek richt zich voornamelijk op de contributies aan de moderne paleontologie. (inclusief amateurs, verzamelaars en kunstenaars). Een publicatie aanbod kan worden gezonden naar: Steve' emailadres brusatte@theramp.net of bezoek zijn site op url:
http://www.geocities.com/CapeCanaveral/Galaxy/8152